InfoCash

Artikel

Het verschil tussen baas en leider van een hond

Auteur: pannehoeve | geschreven op 08-01-2012

Hondenbezitters voelen zich heel snel aangevallen als je ze verteld dat ze niet de leider zijn over hun hond. Er wordt al heel snel aangegeven dat de hond wel heel goed weet wie de baas is en hoe je dat dan precies aan hun hond kan zien. Echter er zit een heel groot verschil in baas zijn en leider zijn.


Baas zijn

Je bent over het algemeen al heel snel de baas over je hond, als hij niet doet wat jij wil dan wordt hij verbannen naar een bench of een aparte ruimte of erger krijgt hij lijfelijke straf om te laten zien dat we dit gedrag niet van hem pikken. Vroeger werd er altijd gezegd dat je altijd moest zorgen dat je de baas bleef over je hond en veel mensen vinden en denken dat nog steeds. De vroegere trainingen waren daar dan ook vooral op gericht met veel getrek en geruk aan een slipketting werd de hond duidelijk gemaakt wat wel en wat niet mocht en dit was dus alles voornamelijk op pijn gericht. Echter zou de hond in dat opzicht respect voor zijn baas hebben gehad.

Leider

Leider over je hond is iets heel anders dan baas over je hond. Je wordt gekozen als leider en je moet als leider het respect van je hond verdienen. Evenzo moet je als leider je hond de kans geven zich te ontwikkelen binnen de grenzen van wat maatschappelijk aanvaardbaar is.

 

Voorbeeldje verschil tussen baas en leider

 Stel je begint in een nieuwe baan. Je baas komt zich voorstellen en verteld je dat je een half jaar met hem meeloopt, hij zal je alles van het bedrijf laten zien en hij leert je alles wat nodig is. Als je iets fout doet zorgt hij dat het goed komt en als je iets niet weet staat hij je geduldig bij met antwoord geven en uitleggen. Op het moment dat je het niet meer weet kun je bij je baas terecht en zal hij je helpen. Je zult voor deze baas heel snel respect ontwikkelen waardoor je nog sneller aanneemt wat hij je verteld, als hij je dan daarbij ook nog uitleg geeft over hoe het precies allemaal werkt dan heb je een perfecte baas en leider.

Stel je begint in een nieuwe baan. Je baas komt zich voorstellen en verteld je dat hij wil dat je dit doet, dat je dat kan en dat je dat doet. Hij gaat weer naar zijn kantoor en de rest van de dag en misschien zelfs de rest van de week zie je hem niet meer. Alleen als je iets fout doet dan stuift hij uit zijn kantoor om je eens even de les te lezen dat het zo hier niet werkt, maar als je iets goed doet hoor je hem niet.

Er is een collega op kantoor die je op sleeptouw neemt, je kunt bij hem terecht met al je vragen en hij staat je geduldig te woord hoe vaak je het ook vraagt. Als je baas weer eens boos naar je toe komt neemt hij het voor je op. Hij legt je alles stap voor stap uit en zorgt dat je na een week al heel veel weet en geleerd hebt. Hij wordt nooit boos maar gaat er gewoon vanuit dat je het nog moet leren. Hij vraagt wel dingen van je maar eist ze niet. Je wil die dingen ook graag goed doen voor hem omdat hij je zo goed helpt. Je zal voor deze collega respect ontwikkelen en als er iets is ga je naar hem toe. Hij is dus je leider in het bedrijf ondanks dat hij niet je baas is.

 T

 Zoals bovenstaand voorbeeld werkt het met honden ook. Zoals eerder gezegd de baas ben je al snel want je hond delft altijd het onderspit tegen je en als hij dat niet doet eindigt hij op de tafel bij de dierenarts. Maar evenals iedereen heeft een hond een leider nodig, iemand die hem laat zien op een hondse manier hoe hij behoort te leven in onze maatschappij. Tevens heeft hij iemand nodig waar hij terecht kan als hij het niet snapt, die hem niet meteen corrigeert met harde hand als hij iets doet wat niet mag maar die hem leert wat hij wel moet doen.

 CONCLUSIE

 Een hond heeft een leider nodig, uiteraard ook een baasje maar laat dat baasje ook meteen zijn leider zijn. Probeer je eens te verplaatsen in de situatie van de hond op het moment dat hij iets fout doet, probeer er eens achter te komen waarom hij iets doet.  Als hij iets doet wat niet mag maak hem dan duidelijk wat wel mag. Beloon hem regelmatig met een spelletje of iets lekkers (het hoeft maar een klein brokje te zijn) leer hem op die manier wat je van hem verwacht in plaats van hem eerst de fout in te laten gaan en dan met harde hand te corrigeren. Zorg dat je er voor hem bent op het moment dat hij je nodig heeft.