InfoCash

Artikel

Vlaamse Gaai

Auteur: hardness | geschreven op 31-03-2010

De Vlaamse Gaai is een schuwe bosvogel, maar hij bezoekt ook wel stadsparken of tuinen en laat zich dan beter bekijken. Temidden van de gewone tuinvogels valt hij dan zo op dat je hem niet gauw over het hoofd ziet. In de stad is hij minder wantrouwig en daar zie je hem dan af en toe op de grond onder bomen rondscharrelen en wat eten.


Enkele gegevens

De grootte van de vogel varieert van 30 tot 36 cm. De vleugelspanwijdte is 45 tot 55 cm. Hij leeft in loof- en naaldbossen, parken en stadstuinen. Hij heeft een korte, krachtige, schrille roep. In de lente zingt hij ook, meer welluidend. Hij is een alleseter (omnivoor), maar wel overwegend plantenkost (vooral eikels, uit wintervoorraad). Het legsel varieert tussen 3 tot 6 groenachtige eieren (van april tot juni). Ze leven vooral solitair, behalve in de voorplantingstijd. Soms vormen ze tijdelijk kleine groepjes.

Oogst en opslag van eikels

De Vlaamse Gaai eet graag eikels, die hij ijverig uitzoekt op grond van rijpingsgraad, formaat en kwaliteit. Onder de snavel heeft hij een huidplooi waarin hij zulke zaden kan opbergen. Op die manier kan een gaai wel drie of vier eikels tegelijk overvliegen naar een opslagplaats. Zo is hij de hele herfst druk met het aanleggen van voorraden, goed verborgen onder boomwortels, moskussens en bladstrooisel, of ook wel in holle boomstronken - altijd op zorgvuldig gemarkeerde plaatsen. Soms legt hij zelfs steentjes bij zo'n provisiekast. Wanneer die herkenningstekens worden overhoop gehaald of weggenomen, kan het soms zijn dat het dier zijn zadenvoorraadje niet meer terugvindt.

Uiterlijke kenmerken

De Vlaamse Gaai is gemakkelijk te herkennen aan zijn bonte verenpak en zijn grootte (nog wat groter dan de merel). Zijn kruinveren zijn oprichtbaar en hij heeft een zwarte teugelstreep achter de snavel. Op zijn vleugel zijn lichtblauwe, zwarte en witte velden en een zwart-witte streping. Zijn buik is bruin en zijn rug bruinroze. Hij heeft een witte stuit en een zwarte staart. Het verenkleed van de mannentjes en vrouwtjes zijn bijna identiek. Alleen in de zwart-witte streping op de kruin ziet men enig verschil. Volwassen gaaien hebben wel een dozijn van die strepen, jonge dieren maar enkele.