InfoCash

Artikel

Elektriciteit, wat is het eigenlijk?

Auteur: JoostB | geschreven op 17-11-2010

Elektriciteit is niet meer weg te denken uit de Westerse samenleving. Maar hoe worden onze huishoudelijke apparatuur, onze televisie of de computer eigenlijk aan stroom voorzien, en hoe ontstaat deze stroom überhaupt? In dit artikel de antwoorden.


Lading

Een voorwerp kan positief, en negatief geladen zijn. Een voorwerp heet positief geladen, als er meer positieve dan negatieve lading inzit, en andersom. Een voorwerp kan ook ongeladen zijn, of ook wel neutraal. In dat geval zit er evenveel positieve als negatieve lading in. Positieve en negatieve lading kunnen elkaar dus compenseren. Het symbool van lading is Q en de eenheid van lading is coulumb met symbool C.

Stroomsterkte

Pas als lading van het ene naar het andere voorwerp stroomt wordt het zichtbaar of voelbaar. Bijvoorbeeld: als jij geladen bent en een metalen deurknop aanraakt, stroomt er lading van jouw hand naar de deurknop.
De lading die per seconde langskomt wordt stroomsterkte genoemd. Het symbool van stroomsterkte is I en de eenheid ervan is de ampère (A).

Hiermee kun je de volgende formule stellen:
I= Q / t
Waarin:
I= stroomsterkte
Q= lading
t= tijd

Spanning

Elektronen gaan niet uit zichzelf bewegen. Daarvoor is spanning nodig. Spanning wordt geleverd door spanningsbronnen, zoals batterijen, accu’s en het stroomnet. Door spanning bewegen elektronen door de verbindingsdraden en leveren elektrische energie af aan bijvoorbeeld lampjes, tv’s enzovoort. Dat noem je componenten.
Het symbool voor spanning is U en de eenheid ervan heet Volt (V).
Hoeveel elektrische energie wordt geleverd hangt af van spanning, stroomsterkte en tijd. Hiermee kun je de volgende formule stellen:
E= U x I x t
Waarin:
E= elektrische energie
U= spanning
I= stroomsterkte
t= tijd

Spanningsbronnen kun je indelen naar de grootte van de spanning.
Lage spanning wordt geleverd door bijvoorbeeld een batterij (1.5V) of een accu (24V).
Hoge spanning wordt geleverd door bijvoorbeeld het lichtnet (230V) en hoogspanningskabels (380.000V).
Een ander onderscheid bij spanningsbronnen is de richting van de stroom die uit een bron kan komen. Batterijen en accu’s geven een gelijkspanning. De spanning is altijd even groot en de richting waarin de gelijkstroom door deze bronnen gaat, is altijd dezelfde.

Maar er bestaan ook spanningsbronnen die geen gelijkspanning geven. Die spanningsbronnen, bijvoorbeeld het lichtnet, geven wisselspanning. In deze spanningsbronnen wisselen de pluspool en de minpool continu om.