InfoCash

Artikel

Particulier en Collectief.

Auteur: Miierandaaa | geschreven op 11-09-2010

Hieronder ga ik zo goed mogelijk proberen uit te leggen, wat de collectieve- en de particuliere sector nou precies inhouden.


Collectieve- en Particuliere sector.

In gemeentehuizen werken ambtenaren. Zij zjin in dienst van de overheid, net zoals de ambtenaren van waterschappen, provincies en het Rijk. In scholen werken docenten. Zij zijn geen ambtenaar, want zij werken niet in dienst van de overheid maar van een schoolbestuur. Het schoolbestuur krijgt subsidie van het rijk om de salarissen van de docenten te betalen. Alle overhiedsinstanties en instellingen die voornamelijk betaald worden van belastinggeld of van sociale premies, horen bij de collectieve sector.

De instellingen die voor sociale zekerheid zorgen, horen bij de collectieve sector. Deze instellingen zorgen voor de uitkeringen aan bijvoorbeeld zieken en werklozen. Het geld hiervoor komt uit de sociale premies waar iedereen aan meebetaalt. Zo gaat er geld van werkenden naar niet-werkenden en van gezonden naar zieken. De overheid past zo het solidariteitsbeginsel toe bij de lasting- en premieheffing. Het gevolg hiervan is dat de inkomens van mensen worden herverdeeld.

De overheid is een belangrijke klant van bedrijven in de particuliere sector. De overheid laat bijvoorbeeld particuliere bedrijven wegen en andere infrastructuur aanleggen. Particuliere bedrijven moeten de kosten terugverdienen en winst overhouden. Wanneer de winst uitblijft en de verliezen oplopen, gaat een bedrijf in de particuliere sector failliet.

De overheid is eigenaar van een groot aantal bedrijven. Vaak gaat het om activiteiten waar een particulier bedrijf geen winst op kan maken, zoals een museum. Als de overheid deze activiteiten belangrijk vindt, gaat ze die subsidiëren en zelf ter hand nemen. Soms gebeurt het tegenovergestelde, dan gaat een overheidsbedrijf zelfstandig verder in de particuliere sector. Dit noemen we privatisering.

Bedrijven in de particuliere sector mogen in principe zelf weten hoe ze zaken doen. Ze moeten zich daarbij echter houden aan de regels van de overheid. Ze mogen bijvoorbeeld geen prijsafspraken maken met een concurrent. En wanneer er schade ontstaat door een onveilig product, moet de producent de schade vergoeden. Dat laatste staat in de Wet productaansprakelijkheid.