Kaars van bijenwas
Auteur: andredierick | geschreven op 09-03-2010
Een kaars is een lichtbron vergelijkbaar met een lamp maar met meestal veel minder lichtopbrengst. Hij is cilindrisch van vorm en gemaakt van een vaste vetachtige stof met in de kern over de lengte een lont. Een speciaal soort kaars is gemaakt van bijenwas.
Warmte en licht
Goedkopere kaarsen zijn meestal gemaakt van stearine of paraffine.
De werking van de kaars is als volgt: De lont die zich in de kaars bevindt en daar ongeveer een centimeter bovenuit steekt, wordt aangestoken. Het vet, direct onder de lont, smelt daardoor. Door de capillaire werking zuigt een heel klein deel van het vet naar boven in de lont. Verdamping en ontleding zorgt voor gasvorming dat warmte en licht uitstraalt. Die verdamping is er de oorzaak van dat de kaars gaandeweg opbrandt.
De lont is van katoen gemaakt. Van hele dunnen koortjes katoen wordt een soort haarvlecht gevlochten, met een dikte die aangepast is aan de dikte van de kaars en vergelijkbaar is met een dun touwtje.
Waskaars als symbool van reinheid
Een zuiver natuurmateriaal voor het maken van kaarsen is bijenwas. De raten die uit de bijenkast regelmatig moeten worden vernieuwd, zorgen na smelting en zuivering voor een prima grondstof voor de kaarsen. Bijenwaskaarsen branden meestal langer. De kleur herinnert aan goud en de geur is edel en goed. In kloosters mocht lange tijd alleen bijenwas worden gebruikt voor kaarsen als symbool van reinheid.
De vlam van een kaars kan worden gedoofd met een speciaal apparaatje. Zo’n kaarsendover bestaat uit een kleine ronde piramide die over de vlam wordt geschoven. Door het ontbreken van zuurstof zal de kaars daarna doven.