InfoCash

Artikel

Allergie.

Auteur: pompstra82 | geschreven op 05-05-2010

In dit artikel wordt kennisgemaakt met allergische aandoeningen. Alvorens we op de specifieke problemen ingaan, zoals voedselallergie, hooikoorts, eczeem, en astma, lijkt het me goed wat meer te vertellen over wat allergie is.


Allergische aanleg.

Vaak hoor je ouders zeggen dat kinderen allergisch zijn voor suiker of kleurstoffen in de voedig. Kan dat zo zijn? Nee. Alleen tegen eiwitten kunnen we een allergie ontwikkelen. Bekende voedingsallergieën zijn de koemelkeiwitallergie, kippeneiwitallergie en allergie tegen pinda,s.
In onze voeding komen veel andere stoffen voor zoals suikers, kollhydraten, vetten, mineralen zoals ijzer, zink en fluor, en vitamines. Door de voedingsindustrie worden aan de voedingvoorts conserveermiddelen, kleur- en smaakstoffen toegevoegd om een voor de consument beter product te krijgen, dat beter bewaard kan worden of een lekkerder smaak heeft. Hiervoor worden we niet allergisch.Niet iedereen heeft last van deze allergieën. Er moet een aanleg voor zijndie nogal eens erfelijk wordt bepaald. Wanneer de aanleg tot het ontwikkelen van een allergie aanwezig is, spreken we van een allergische aanleg of allergische constitutie. wat meer wetenschappelijk wordt gesproken van een atopische constitutie of kortweg atopie.

Wat doet ons lichaam ermee?

Om hierop een antwoord te geven moeten we wat meer te weten komen over de eigenlijke allergische reactie. Iedereen weet dat in ons lichaam afweestoffen voorkomen om ziektekiemen zoals bacterieën en virussen aan te vallen wanneer deze zijn binnengedrongen. Voortdurend zijn er indringers die, wanneer ze overmacht krijgen, infecties veroorzaken. Tegen een aantal ziekten kunnen we ons door vaccinatie beschermen. Komt er bijvoorbeeld het mazelenvirus binnen, dan wordt dit door het afweersysteem direct onschadelijk gemaakt. Deze immuniteit houden we levenslang. Ook al is er in jaren geen contact met het virus geweest, toch kan er direct worden gereageerd.
Bij allerie gaat het om het contact met allergenen waarop ons lichaam een immunologische reactie laat zien. Deze reactie verloopt meestal vrij snel, maar kan ook, zij het zeldzamer, een dag later of nog later komen. De antistoffen of immuunglobulines die hierbij een rol spelen zijn van het type E. Afgekort wordt dat IgE. Het totaal IgE- gehalte kan in het bloed worden gemeten. Ook kan er worden bepaald of er speciale typewn van het IgE aanwezig zijn, gericht tegen veel voorkomende allergenen. Wat deze laatste betreft kan worden gedacht aan koemelkeiwit, pinda, soja, kippeneiwit, maar ook huisstofmijt, honden- en kattenhaar, stuifmeel van grassen, bomen en planten. Wanneer de huisarts of kinderarts bij verdenking op allergie bloedonderzoek laat doen, kijkt men naar de aanwezigheid van deze IgE- antistoffen. Er wordt ook wel gesproken van RAST-onderzoek. Wanneer we veel van deze IgE- antistoffen hebben, gericht tegen bijvoorbeel stuifmeel, ontstaat er een ziektebeeld dat we kennen als hooikoorts. De stuifmeelkorrel wordt gebonden aan het IgE, hetgeen hecht aan bepaalde cellen die in de slijmvliezen steeds aanwezig zijn. Voor deze cellen is de binding het signaal om op hun beurt weer stoffen vrij te maken zoals histamine.

Neemt allergie toe?

Inderdaad lijkt er wereldwijd een toename te zijn van allergische klachten en ziekten. Over de oorzaken is nog weinig bekend. Er wordt veel onderzoek naar gedaan. Er wordt wel verondersteld dat luchtverontreiniging een oorzaak is, maar bijvoorbeeld bij het ontstaan van astma speelt dit geen rol. Ook bij de voedselallergieën lijkt een toename te worden gezien. We moeten hiermee wel voorzichtig zijn omdat ook een betere herkenning van het probleem een schijnbare toename kan verklaren.

Is allergie op alle leeftijden hetzelfde?

Nee, de klachten wisselen per leeftijd. Zo zijn voedselallergie en eczeem iets wat vooral in de eerste jaren voorkomt, terwijl astma en hooikoorts juist op latere leeftijd optreden.