InfoCash

Artikel

Verdere ontwikkelingen van peuters en kleuters.

Auteur: pompstra82 | geschreven op 17-05-2010

Ook jonge peuters en kleuters kennen nog angsten, en hoe zit het eigenlijk met de seksuele gevoelens?


Angsten.

Ook jonge peuters kennen nog angsten voor vreemden. Ze zullen als een hun onbekende volwassene in huis komt snel naar hun moeder gaan. Vanaf die veilige positie wachten ze af wat er gebeurt. Als de bezoeker direct naar ze toekomt zullen ze zich meestal vastklampen aan een been of rok. Het blijkt wanneer kinderen gewend zijn aan veel verschillende volwassenen om zich heen, ze dit vluchtgedrag veel minder gaan vertonen. Juist kinderen die opgroeien bij alleen een paar bekenden, reageren met een grotere angst. Peuters reageren ook angstig wanneer ze in een voor hen vreemde omgeving komen. Alles wat nieuw en anders is wekt bij jonge kinderen angst op. Anderzijds wordt weer hun nieuwschierigheid ervoor gewekt. Geleidelijk neemt de angst af en tegen het vierde jaar is deze bij de meeste kinderen verdwenen. Behalve angsten voor personen kennen peuters ook angsten voor dieren zoals honden of insecten. Deze angst wordt versterkt als ze merken dat ook hun ouders bang zijn voor bepaalde situaties of sommige dieren. Ook kennen peuters angsten voor door hen in hun fantasie opgeroepen personen of dieren. In de loop van de tijd maakt deze angst plaats voor het besef dat er verschil bestaat tussen de werkelijkheid en door henzelf opgeroepen gedachten.

Seksualiteit.

In de peuter- en kleutertijd ontdekken veel kinderen bij zichzelf seksuele gevoelens. Ouders schrikken ervan wanneer ze hun kind bij het mastruberen aantreffen. Bij meisjes zie je dat ze met hun handjes tussen de benen heen en weer schuiven en met een hoog rode kleur zwaar ademen. Het beste is er geen enkele aandacht aan te besteden en gewoon door te lopen, zonder commentaar. Kinderen ervaren alleen de gevoelens, en brengen het niet in relatie met vrijen. Pas wanneer het op oudere leeftijd veelvuldig voorkomt en het interactie krijgt met de gewone dagelijkse gebeurtenissen, is het iets om met de huisarts te bespreken. Tussen het vierde en zesde jaar zijn kinderen soms erg preuts over hun geslachtsdelen. Ook hier geld een afwachtende houding totdat het kind weer wat verder is in zijn/haar ontwikkeling als de beste aanpak. Hetzelfde geldt voor een overmatige intresse in de geslachtsdelen van de andere sekse. Peuters en kleuters tonen daarvoor soms grote belangstelling. Wanneer je als ouder blijk geeft daarvan erg te schrikken en op hevige verbiedende toon het kind benadert, zal het ongetwijfeld menen iets slechts te hebben gedaan en daarop een onnodige angst ontwikkelen voor het onderwerp.