InfoCash

Artikel

epilepsie

Auteur: monica71 | geschreven op 15-06-2010

Op de ziekte epilepsie heeft lang een taboe gestaan, dit kwam deels ook omdat de meeste mensen het niet kenden, en er soms zelfs bang voor waren.
Ik zelf leef al ruim 20 jaar met epilepsie en heb vaak mee gemaakt dat mensen niet alleen met je wilden zijn omdat ze bang waren voor een aanval.
Ik hoop hiermee de epilepsie uit de taboe sfeer te halen en dat mensen het een beetje beter begrijpen.


Wat is epilepsie

Epilepsie is een aandoening die zich uit in de vorm van aanvallen ( toevallen ). Aanvallen ontstaan door een plotselinge, tijdelijke verstoring van de elektrische prikkeloverdracht in de hersenen. De soorten aanvallen en de sterkte ervan verschilt van mens tot mensen. Dat komt doordat er vele verschillende oorzaken zijn voor epilepsie. Die oorzaken bepalen de soort aanvallen en hoe vaak de aanvallen voorkomen.

Vaak komt dan ook de vraag of epilepsie erfelijk is?
Nou nee het is niet erfelijk.
Heel vaak krijgt iemand dus epilepsie zonder dat hiervoor een duidelijke oorzaak aanwezig is. Dan kan erfelijke aanleg een rol spelen. Dat wil zeggen: sommige mensen hebben een grotere aanleg om epilepsie te krijgen dan anderen. Die aanleg tot het krijgen van epilepsie kan dan erfelijk zijn.
Toch hoeft epilepsie over het algemeen geen belemmering te zijn om te trouwen en kinderen te krijgen. De kans dat de kinderen van iemand met epilepsie ook epilepsie krijgen, is nauwelijks groter dan de kans die iedereen heeft om epilepsie te krijgen. Als beide ouders epilepsie hebben is die kans echter wel groter.

Leven met epilepsie

Epilepsie kan meestal niet genezen worden. Iemand kan een heel leven met epilepsie te maken hebben. Dit betekent niet dat de epilepsie altijd iemands leven zal beheersen. Ongeveer zeven van de tien mensen met epilepsie heeft door de medicijnen nauwelijks of geen last meer van aanvallen.

Leren leven met epilepsie is niet altijd even gemakkelijk. Iedere persoon met epilepsie is anders. Bovendien bestaan er veel verschillende soorten aanvallen.

Keuzes maken

Soms beïnvloedt epilepsie bepaalde keuzes. Zal ik deze opleiding volgen? Kan ik een nieuwe baan aan? Is het verstandig om op vakantie te gaan? Kan ik zwanger worden? Zal ik een ander medicijnen proberen? Zal ik de medicijnen afbouwen? Kan ik deze sport doen? Dit soort vragen zullen met zorg beantwoord moeten worden.

Behandeling

De meeste mensen met epilepsie worden behandeld met medicijnen (anti-epileptica). In sommige gevallen is het mogelijk de epilepsie operatief te behandelen. Het gaat dan altijd om mensen, die niet of onvoldoende reageren op behandeling met medicijnen of onaanvaardbare bijwerkingen krijgen.

wat is epilepsie nu eigenlijk

Ieder mens wordt door zijn hersenen gestuurd in al zijn denken en doen. Zonder die aansturing kunt u uw ledematen niet bewegen en kunt u ook niet horen, zien, voelen, ruiken of zelfs maar ademhalen. Hersenen bestaan uit miljarden zenuwcellen, die constant boodschappen aan elkaar doorgeven via elektrische stroompjes en chemische stoffen. Als dit systeem op de een of andere manier verstoord raakt, kan er een soort 'kortsluiting' ontstaan. Een aanval is dus een plotselinge kortsluiting of storing in de hersenen, waardoor het normale functioneren tijdelijk verstoord raakt. Iemand heeft pas epilepsie als hij of zij regelmatig last heeft van dit soort storingen. De plaats in de hersenen waar de storingen beginnen, hoe ze zich verspreiden en hoe snel deze uitbreiding verloopt, bepalen het patroon van een aanval.

Epilepsie bij kinderen

Bij kinderen komt epilepsie vaak op een andere manier tot uiting dan bij volwassenen. Bij kinderen van 4 tot 12 jaar kunnen absences optreden. Dit zijn aanvallen die 5 tot 10 seconden duren waarbij het kind abrupt een activiteit stopt en ook daarna weer abrupt hervat. Het kind kan dan een wazige uitdrukking hebben, en er kunnen spierschokjes rond mond en oogleden optreden of smak-, kauw- of friemelbewegingen. Na de absence gaat het kind verder met z'n bezigheden zonder zelf iets te hebben gemerkt. Deze aanvalletjes treden dan vaak vele malen per dag op. Deze vorm van epilepsie is meestal goed te behandelen en gaat ook vaak weer over binnen enkele jaren.
Veel ernstiger zijn de zogenoemde salaamkrampen (serie spier samentrekkingen ), dit is een vorm van epilepsie die optreedt vanaf de leeftijd van 5 tot 6 maanden. Vaak is dan sprake van een hersenbeschadiging. Deze aanvallen bestaan uit plotselinge buig- of strekkrampen van hoofd met romp gedurende enkele seconden. Meestal treden deze krampen op in reeksen van enkele tot zeer vele krampen. De vooruitzichten zijn vaak slecht: verstandelijke handicap en ernstige epilepsie. Dit geldt ook voor het zogenoemde Syndroom van Lennox-Gastaut. Dit is een vorm van epilepsie die kan optreden bij twee- tot vijfjarige kinderen met hersenbeschadiging. Aanvallen van plots verstijven van de spieren of juist verslappen van de spieren, waardoor het kind abrupt valt en zich kan verwonden.

Wat te doen bij een aanval.

Tijdens een aanval is het belangrijkste dat de patiënt beschermd wordt tegen verder letsel. De patiënt niet proberen te verplaatsen, eventueel kan men hem of haar verplaatsen zodat hij of zij zich niet aan meubels en dergelijke kan verwonden. Als de patiënt verslapt kan hij of zij in stabiele zijligging worden gelegd. Het kan over het algemeen niet voorkomen worden dat de patiënt op zijn tong bijt. De hulpverlener is vaak niet op tijd om iets tussen de tanden te stoppen, en bij pogingen om dit wel te proberen kan het gebit beschadigen of de hulpverlener zelf letsel oplopen. Vroeger werd nog wel vaak aangeraden iets tussen de tanden te stoppen. Daarnaast bestaat er ook nog de mogelijkheid dat het voorwerp een obstructie van de luchtweg veroorzaakt, hierdoor kan de zuurstofvoorziening in gedrang komen. Ook is het mogelijk dat de hulpverlener de tong zodanig naar achter duwt met hetzelfde effect tot gevolg. De verwondingen van de patiënt (tong- of wang beet) zijn vaak wel erg pijnlijk en vervelend, maar genezen meestal snel en staan niet in verhouding tot eventuele nare gevolgen van goedbedoelde hulp. Verder kan bij patiënten van wie bekend is dat zij epilepsie hebben een middel worden toegediend om de aanval te doen stoppen. Als een gegeneraliseerde aanval langer dan 5 minuten (anderen spreken van 30 minuten) aanhoudt, of als er meerdere aanvallen kort na elkaar plaatsvinden zonder dat de patiënt bij bewustzijn komt, spreekt men van een ('status epilepticus'). Indien er sprake is van een 'status epilepticus' of de patiënt zich bijvoorbeeld ernstig verwond heeft of na de aanvallen niet goed bijkomt, is het wel nodig een ambulance te laten komen, in andere gevallen meestal niet.

Tot slot

We zetten tot besluit nog even een paar belangrijke zaken op een rijtje.
Epilepsie kan niet, zoals een griepje, genezen worden. Dankzij medicijnen kunnen veel mensen met epilepsie toch aanvalsvrij worden of heel goed met hun epilepsie leven. Vaak weet de omgeving niet eens dat iemand epilepsie heeft!
Iedereen kan op elke leeftijd epilepsie krijgen, hoewel epilepsie vaker optreedt bij kinderen en jongeren.
Het heeft niets te maken met intelligentie of karakter. Epilepsie is ook niet besmettelijk of gevaarlijk voor de omgeving.
Onwetendheid leidt dikwijls tot onbegrip. Dat geldt ook voor epilepsie. Onbegrip kan het voor mensen met epilepsie extra moeilijk maken om met hun aandoening te leven. Begrip is daarom een teken van vanzelfsprekende medemenselijkheid en daarop mag iedereen aanspraak maken, met of zonder epilepsie!