InfoCash

Artikel

Continuering Midden-Oosten conflict zolang Israël

Auteur: eliezeryair | geschreven op 31-12-2010

Sinds de oprichting van de onafhankelijke joodse staat Israël in 1948 staat het land bloot aan felle en naar het lijkt groeiende kritiek. De wereld was anders in die jaren vlak na de Tweede Wereldoorlog, een oorlog die een bloedig spoor van verwoesting had getrokken door Europa maar ook daarbuiten, een bloedig spoor ook, of misschien zelfs juist, door het Europese Jodendom. In de meeste landen waren de joodse gemeenschappen gedecimeerd, openlijk weggevoerd door een op macht beluste bezetter die verblind was door antisemitisme. En toen de verhalen over de verschrikkingen van de holocaust bekend werden bij het grote publiek en men de angstige vermoedens bevestigd zag van een uitgemoord joods volksdeel voelde men medelijden met het zo getergde joodse volk. Het was dit medelijden maar ook de wens om het joodse volk een eigen staat te geven die maakte dat de wereld in 1947 in meerderheid voor het delingsplan van het Britse mandaatgebied Palestina stemde; een deling die de oprichting van een joodse staat mogelijk maakte.


VN-delingsbesluit

Toch bleven er wereldwijd mensen en afzonderlijke staten kritisch en negatief ten opzichte van de oprichting van de nieuwe jonge staat. Met name de Arabische landen voelden zich gepasseerd en bedrogen door het VN-delingsbesluit en accepteerden geen joodse staat in hun midden. De Palestijnse autoriteit van Abbas heeft in het schoolboek “ons land Palestina” laten opnemen dat de historische rechten van Joden op Palestina niet waar zijn. “De Joden zijn ons thuisland binnengetrokken en hebben het weer verlaten. Het zijn de Arabieren, niet de Joden die de band met het land hebben.” Het niet erkennen van Israël is een situatie die tot de dag van vandaag voortduurt en die de oorzaak is van de voortdurende strijd tussen de Arabieren en de Israëli’s. De Israëlische minister-president Benjamin Netanyahu bracht het tijdens een toespraak op het ministerie van Buitenlandse Zaken in Jeruzalem voor een gehoor van ambassadeurs opnieuw treffend onder woorden; “landen beschouwen Israël als schuldig tot het tegendeel bewezen is”. En, zo voegde hij eraan toe, Israël moet alles op alles zetten om de “delegitimeerders te delegitimeren”.

Netanyahu refereerde met deze woorden aan de slechts zeer sporadisch uitgesproken en toegelichte opvatting dat de oorzaak van het Israëlisch-Arabische conflict niet gelegen is in de aanwezigheid van joodse nederzettingen in Judea en Samaria maar veel meer in de aanwezigheid van joden in Tel Aviv en Jeruzalem. Het conflict gaat door omdat er een algehele weigering onder met name Arabische staten is om Israël te erkennen als een Joodse staat. Die erkenning en het stoppen van het palestijnse geweld in de regio is het begin van een oplossing voor het al decennia voortdurende Israelisch-Arabische conflict. Maar er is meer nodig om een begin te kunnen maken met een vreedzame samenleving van Israeli’s en Arabieren in de regio. Zo zullen de palestijnen hun eis op terugkeer van alle palestijnse vluchtelingen en hun nazaten (“the right of return”) moeten opgeven. Deze terugkeer van meer dan een miljoen ‘vluchtelingen’ naar wat nu Israël is zal de demografische samenstelling van het land uit balans brengen hetgeen de oorzaak zal zijn van de ineenstorting van de joodse staat zoals we die nu kennen.  Het is onmogelijk een joodse staat te zijn terwijl er tegelijkertijd een stroom van palestijnse vluchtelingen het land binnenkomt en de bevolkingssamenstelling daardoor veranderd. Bovendien is een “terugkeer” historisch niet juist, uit onderzoek is komen vast te staan dat in de periode tussen het afgeven van de Balfourverklaring  (1917) en de stichting van de staat Israël in 1948 de Arabische bevolking van het Brits mandaatgebied verdubbelde voornamelijk als gevolg van immigratie. De wortels van de meerderheid van de Arabische bevolking is niet dieper dan die van de latere Joodse immigranten. Dat betekent dat de Arabische bevolking zich na 1917 concentreerde in het mandaatgebied, er na de onafhankelijkheidsoorlog in 1948 uit wegtrok en nu op basis van een veronderstelde binding met het land weer naar wil terugkeren.      

Erkenning van Israël

Naast erkenning van Israël als soevereine joodse staat en het opgeven van “het recht op terugkeer” van palestijnse vluchtelingen naar Israëlisch grondgebied is er nog de kwestie van de veiligheidsgaranties. Israël wil praten over vrede als de palestijnen bereid zijn om hun gewapende acties tegen Israël, Israëlische burgers en militairen te staken. Het is niet mogelijk met palestijnse diplomaten te praten terwijl hun broeders in terroristische organisaties en militante facties doorgaan met de gewapende strijd. Reden waarom Israël niet praat met Hamas, een terreurbeweging die weigert Israël als joodse staat te erkennen en die terreur uitoefent op burgerdoelen. Bovendien houdt Hamas al meer dan 4 jaar de ontvoerde Israëlische militair Gilad Shalit gevangen op een onbekende plek in Gaza met ontzegging van de rechten die hij heeft op grond van de Conventie van Genève. De grote angst is dat indien Israël zich terugtrekt uit de Westelijke Jordaanoever Iran de politieke  macht overneemt. Precies zoals dat gebeurde in Gaza toen Israël in 2005 zich volledig terugtrok. Hamas is gelieerd aan en wordt gesteund door het totalitaire Iraanse moslim-regime.  

Zolang de palestijnen niet bereid zijn tegemoet te komen aan de gestelde basisvoorwaarden zijn het de palestijnen die niet bereid zijn te onderhandelen over een oplossing van het Midden-Oosten-conflict.  De president van de palestijnse autoriteit Mahmoud Abbas gooide kortgeleden olie op het vuur toen hij aangaf dat in de toekomstige onafhankelijke palestijnse staat met Jeruzalem als hoofdstad er geen joden zullen worden geaccepteerd. “We zullen niet akkoord gaan met de aanwezigheid van ook maar 1 Israeli”, zo gaf Abbas aan tijdens een persconferentie in Ramallah. Hij hielp daarmee snel het gerucht de wereld uit dat het palestijnse leiderschap mogelijk zou toestaan dat het Israëlische leger op strategische punten in de Westbank zou mogen blijven.    

Jeruzalem

En daarmee snijdt Abbas direct het hekele punt aan van de definitieve status van Jeruzalem. Want volgens de grenzen van 1967 is Jeruzalem in Arabische handen. Voor Israël volstrekt onverteerbaar omdat de Israëlische hoofdstad wordt gezien als enige en ongedeelde hoofdstad van de joodse staat. De stad kwam, na jarenlang Jordaans wanbeheer, in Israëlische handen na de zesdaagse-oorlog van 1967 en werd daarmee toegankelijk voor alle godsdiensten ter wereld die Jeruzalem in meerdere of mindere mate als heilige stad vereren. Een opgeven van de stad is een verandering die in de hele wereld gevoeld zal worden. Jeruzalem is tenslotte de navel van de wereld.

Israël gaat de strijd aan. De strijd tegen de ontkenners van de soevereine staat Israël.