InfoCash

Artikel

Anaximander van Milete (610 - 545)

Auteur: HectorServadac | geschreven op 14-07-2010

Meestal herinneren we ons alleen maar de nummer 1. Dus weten we dat de eerste filosoof in de geschiedenis Thales van Milete heette. Maar wie weet dat Anaximander van Milete de nummer 2 was?


Een klassiek filosoof lijkt heel modern

De tweede filosoof in de geschiedenis was de leerling en opvolger van Thales. Hij blonk vooral uit in de geografie en astronomie. Van hen hebben we het oudste geschreven fragment van een filosofisch boek. Dat boek kreeg de titel mee: "over de natuur."

Net als Thales heeft hij nagedacht over de oerstof. Maar hij week toch behoorlijk van zijn voorganger af. Die had het steeds over water of het vochtige. Dat was volgens hem de oerstof waaruit alles was voortgekomen.

Volgens Anaximander moeten we het ontstaan van de dingen toeschrijven aan het zogenaamde Apeiron. Dassault wordt betekent letterlijk het onbepaalde. Dit Onbepaalde kende nog geen aantal, was zelf niet ontstaan en kon ook niet vergaan. Het had geen enkele eigenschap. Uit dit Onbepaalde kwam de kosmos voort.

De kosmos werd door Anaximander voorgesteld als de ordelijke toestand van alle dingen. Dat betekende voor hem bijvoorbeeld dat in de wereld alles in een bepaald aantal bestond. Alle dingen zijn telbaar. Je kunt ergens 10 bomen of vijf appels zien. De kosmos kende ook afstanden, en was zelf eindig, en alle dingen in de wereld ontstaan en vergaan weer. Volgens Anaximander waren er zelfs vele werelden die naast elkaar bestaan, te vergelijken met het moderne begrip van parallelle werelden.

Hoe ontstaat nu de kosmos uit het Onbepaalde? Anaximander dacht dat in het onbepaalde allerlei tegenstellingen gingen ontstaan.
Als eerste de tegenstelling tussen warm en koud.
Het koude viel dan weer uit elkaar in aarde, water en lucht. Water was dus niet de oerstof zoals bij Thales, maar een onderdeel van de kosmos en zelf ontstaan uit de oerstof.

Rondom deze drie koude elementen lag het warme als een vurige bol. Die vurige bol spatte uit elkaar in verschillende bollen van vuur die rondom door de lucht waren ingesloten. Zo ontstonden de zon, de maan en de sterren. Het vuur kunnen we nog zien omdat de lucht rondom de vuurbollen een opening heeft. Het water dat eerst de aarde had omgeven, had zich vervolgens teruggetrokken in de zeeën.

Wanneer Anaximander over het ontstaan van de levende wezens komt te spreken, volgt hij in grote lijnen zijn leermeester. De warmte van de vuurbollen werkte in op het water van zee en daaruit zijn de vissen voortgekomen. Geleidelijk aan ontwikkelde zich uit deze vissen alle andere levende wezens, inclusief de mens.

De filosofie van Anaximander vertoont een grote gelijkenis met de moderne kosmologie en evolutieleer. Het Onbepaalde tijd toch wel iets weg van het oer heelal waarover de kosmologie spreekt. En het idee dat de mens zich uit de vissen heeft ontwikkeld komt redelijk overeen, zij het uiteraard in grote lijnen, met moderne biologische inzichten.