InfoCash

Artikel

Torah of Wet van Mozes?

Auteur: HectorServadac | geschreven op 17-08-2010

Moeten we nu spreken over de Torah van Mozes, of de Wet van Mozes? In Matteüs 5:17 spreekt Jezus over de Wet van Mozes volgens de NBV, en dat kan worden afgekort tot ‘Mozes’:

‘Daarna verklaarde hij hun wat er in al de Schriften over hem geschreven stond, en hij begon bij Mozes en de Profeten. (Luk. 24:27)

Wat betekenen deze termen echter? Is het woord 'wet' wel voldoende om recht te doen aan de betekenissen die het woord Torah in het hebreeuws heeft?


Het woord "wet"

Het woord ‘wet’ roept natuurlijk een wrange smaak op bij sommige mensen. Het gaat blijkbaar over dwingende voorschriften, om beperkingen van de vrijheid, om een abstracte manier om het leven te regelen. Vandaar het protest van vele gelovigen en theologen tegen het jodendom, die benadrukken dat het in het christelijk geloof tenminste over de vrijheid en de beleving gaat. Maar hier ligt toch een misverstand. Het is een eeuwenoud vooroordeel dat het jodendom, de oudere zuster van de kerk, aan ‘legalisme’ heeft geleden. Daaronder verstaan we de leer dat God mensen beloont voor het (strikt) naleven van religieuze voorschriften en wetten. Het begrip heeft een sterk negatieve bijklank, omdat slechts uiterlijkheden en menselijke trots worden benadrukt. Men zwaaide vervolgens door naar de andere kant, door alleen maar van de ‘verkeersregels’ of het onderwijs van de Torah te willen spreken. De NBV volgt die trend door zo vaak het maar kan het woord Torah met onderricht te vertalen.
Men zegt daarom ook ter verklaring dat de gelijkstelling tussen Torah en ‘wet’ alleen via de Septuaginta aan ons is doorgegeven, omdat de Griekse vertalers kozen voor het juridisch klinkende woordje ‘nomos,’ wet, om het woord Torah weer te geven. Nomos kan echter in het Grieks ook een weefsel van tradities, gewoonten en leefregels betekenen die de identiteit van een volk bepalen. In het boek Deuteronomium, in het kader van het verbond, is dat precies de strekking van het woord Torah. Die Griekse vertaling is dus heel exact. Het gaat om alle geboden en verboden die de verplichtingen van Israël onder het verbond aangeven. Het is een soort verdragstekst, een verbondsboek, waarin uitgelegd wordt hoe Israël moet leven om binnen de termen van het verbond te blijven. Er is een nauw verband tussen de uitverkiezing van Israël, het verbond tussen het volk en zijn God, en de Torah.
Het gaat pas mis als het Griekse woord nomos later wordt vertaald in het Latijn en dan als ‘lex’, juridische wet, wordt weergegeven. Een ‘lex’ is een gebod van de keizer of een geheel van juridische gedragsregels en voorschriften dat op diens soevereiniteit berust. De ‘wet’ van Mozes gaat dan gelijk staan aan de ‘veroordelende wet’, aan een dorre codex van leefregels die als een loden last op het leven van mensen drukken. Zo is het zeker nooit bedoeld. Wat betekent Torah dan wel?

Torah als onderricht

Het woord torah komt van het hebreeuwse woord JRH wat onderwijzen, leren betekent. Het heeft iets in zich van ‘de weg wijzen.’ Het woord kan worden gebruikt om het geheel van de hebreeuwse bijbel, de vijf boeken van Mozes of een specifieke onderwijzing binnen die boeken aan te duiden. Zo kan men spreken over de Torah van het spijsoffer in Lev. 6:7. Men kan ook het woord Torah gebruiken voor het geheel van wetten en voorschriften op een bepaald gebied, zoals in Lev. 7:37 – 38.
In deze paragraaf zullen we het woord Torah vooral gebruiken in de zin waarin het gebruikt wordt in Deut. 4:44. Maar de vertaling van het woord is dan meteen heel problematisch.

Dit is het onderricht (Torah) dat Mozes de Israëlieten heeft gegeven. (Deut. 4:44)

En later:
Mozes gaf ons zijn onderricht (Torah)
als een kostbaar bezit voor Jakobs volk. (Deut. 33:4)


In de vertaling van de NBV lijkt het net alsof het woord ‘onderricht’ slaat op een specifieke onderwijzing van Mozes zelf. Maar het woord dat gebruikt wordt is Torah! Dat betekent dat deze verzen Mozes aanwijzen als degene die het geheel van de Torah heeft ontvangen, d.w.z. Mozes is de profeet door middel van wie het geheel van de Torah is doorgegeven. Het is om die reden dat het geheel van de Torah ook elders als de ‘Torah (Wet) van Mozes’ wordt aangeduid:

En houd je vóór alles vastberaden en standvastig aan de wet waarin mijn dienaar Mozes je heeft onderwezen. Houd je daar altijd aan en wijk er op geen enkele manier van af, opdat je in alles wat je doet zult slagen. Leg dat wetboek geen moment ter zijde en verdiep je er dag en nacht in, opdat je je aan alles houdt wat erin geschreven staat. Dan zal alles wat je onderneemt voorspoedig verlopen. Ik gebied je dus: wees vastberaden en standvastig, laat je door niets weerhouden of ontmoedigen, want waar je ook gaat, de HEER, je God, staat je bij.’ (Joz. 1:7 - 9)

Een en hetzelfde woord wordt in de NBV met ‘onderricht’ en met ‘wet’ vertaald. Het woord Torah kan dan ook de betekenis van beide woorden dragen; het kan ook met ‘aanwijzing’ worden vertaald. . Denk maar eens aan verkeerstekens, waarmee je zou kunnen bedoelen alle verbods- en gebodsborden, maar ook alle aanwijzingen voor het verkeer zoals verkeerslichten, richtingwijzers en waarschuwingsborden. Het bedoelde onderricht wordt gevormd door het geheel van de vijf boeken van Mozes: Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium. Maar meer dan 50% van de teksten van die vijf boeken bestaat uit voorschriften, wetsregels van een of andere aard. De benaming ‘wet’ is om die reden toch zo gek nog niet.
Je zou kunnen zeggen dat de Torah onderricht is van God aan het volk Israël door middel van Mozes in de vorm van wetten en verhalen. Bij het woord ‘wet’ moet je dan echter niet denken aan zoiets als het wetboek van strafrecht. Het zijn eerder wegwijzers die reizigers de goede richting wijzen om hun doel te bereiken.