InfoCash

Artikel

Reizen, waarom zou ik? (1)

Auteur: JoostB | geschreven op 06-09-2010

Zolang de mensheid bestaat, wordt er gereisd. De een deed het om voedsel te zoeken, de ander om nieuwe gebieden te ontdekken en weer een ander om handel te drijven. Dit lijken allemaal goede redenen om op reis te gaan, en dit werd dan ook altijd gedaan voor verbeteringen van de huidige toestand, bijvoorbeeld rijker worden door handel. Maar waarom reist men dan tegenwoordig nog zoveel? De meeste mensen hebben thuis alles wat hun hartje begeert, en hoeven eigenlijk het thuisfront niet te verlaten voor noodzakelijkheden. In deze reeks artikelen gaan we op onderzoek uit naar de belangrijkste redenen voor de mens om te reizen, met in deze tekst om te beginnen de geschiedenis van het reizen.


Het begin

In vroeger tijden werd er dus om totaal andere redenen gereisd dan nu. Het begon allemaal met de jagers en verzamelaars, die van circa 2 miljoen tot 100.000 jaar geleden leefden. Zij leefden van de jacht op wild en van het verzamelen van bessen en noten. De dieren - vooral mammoeten en rendieren - trokken telkens van het ene voedselgebied naar het andere, waardoor de jagers met hun hele stammen gedwongen waren mee te trekken, en ze nooit lang op een vaste plek konden wonen. Ook verzamelaars waren afhankelijk van de seizoenen. In het ene seizoen konden ze bessen plukken in een bepaald gebied, maar in het najaar was er weer op een andere plek iets te vinden. Deze mensen waren dus hun hele leven lang gedwongen te reizen.

Ontdekkingsreizigers

Weer een grote sprong voorwaarts in de tijd brengt ons bij ontdekkingsreizigers als Marco Polo, Vasco da Gama en natuurlijk Christoffel Columbus. Zij waren slechts een klein deel van alle ontdekkingsreizigers die in of na de middeleeuwen expedities ondernamen op zoek naar nieuwe gebieden, maar we beperken ons tot deze drie. De in Venetië geboren handelaar en ontdekkingsreiziger Marco Polo (1254-1324) vertrok op zijn zeventiende naar het verre Oosten om de Mongoolse keizer Kublai Kahn een brief van de Paus te brengen. Op zijn reis door China en nabijgelegen gebieden - die 25 jaar in duurde - ontdekte hij veel nieuws en dit alles maakte diepe indruk op hem. Een aantal jaar later zat hij als krijgsgevangene vast in de gevangenis, waar hij zijn voor de Europeanen wonderbaarlijke reisverhalen vertelde aan een Italiaans schrijver: Rustichello van Pisa. Deze schreef alles op en maakte er een boek van, Il Milione geheten. Vasco da Gama (1469-1524) was een Portugese zeeman die 1497 Lissabon verliet om een expeditie te leiden, welk inhield dat hij een route moest vinden om naar Indië te varen. De route over land was wel erg lang en onhandig, vandaar dat de Portugese koning Manuel hem eropuit zond. Hij zeilde met zijn bemanning - die voornamelijk uit veroordeelde criminelen bestond - langs Kaap de Goede Hoop naar de oostkust van Afrika, waar hij de Indische Oceaan overstak om vervolgens in Calicut, India, aan te komen. Daar handelde hij met de bevolking, en keerde weer terug naar Portugal. Amerika werd ontdekt door Christoffel Columbus (1451-1502). Aanvankelijk wilde deze Italiaanse een zeeroute naar het Oosten vinden. Hij meende dat men - als men steeds maar naar het Westen bleef varen - men vanzelf in het Oosten aan zou komen. Columbus deed dit ook, en kwam na maanden varen bij land uit. In de veronderstelling dat hij in India was aangekomen, noemde hij de inwoners van dit gebied Indianen. Het boek Il Milione van Marco Polo inspireerde Columbus voor deze reizen.

Deel een van Reizen, waarom zou ik? wordt hiermee afgerond, maar een volgend deel zal gauw komen met daarin nog een deel geschiedenis en meer. Tot de volgende keer!