InfoCash

Artikel

De eerste reptielen op het land

Auteur: vincentR | geschreven op 18-10-2010

Tussen 350 en 300 miljoen jaar geleden verschenen de eerste reptielen. Ze zijn afgestamd van de amfbieën en kunnen zich uitstekend op het land voortbewegen.


Amfibische voorouders

Terwijl de peddelachtige poten van hun amfibische voorouders zich langzaam tot voor- en achterpoten onwikkeld hadden, vond er in diezelfde tijd een belangrijke ontwikkeling plaats: Het leggen van eieren met een harde schaal. Hierdoor hoefden de amfibieën niet meer naar het water om hun eieren te leggen en konden ze het droge land gaan bevolken. Zo werden ze reptielen.

Westlothiana

Dit dier werd in 1988 in West-Lothian in Schotland ontdekt. Hij is 30 centimeter lang en leefde 350 miljoen jaar geleden. Hij had de kenmerken van vroege viervoeters en van reptielen. Westlothiana leefde dichtbij een meer waar hij jaagde op duizendpoten, hooiwagenspinnen en andere insecten. Het is een van de oudste reptielen die ooit zijn ontdekt. Sommige specialisten denken echter dat de Westlothiana geen echt reptiel is, maar een amfibie.

Petrolacosaurus

Een van de oudste diapside reptielen is de Petrolacosaurus. Hij is 40 centimeter lang en leefde ongeveer 300 miljoen jaar gelden. Diapsiden waren reptielen die twee openingen hadden in hun kop, waaraan spieren vastzaten. Die openingen lagen vlak achter de ogen. De dinosaurussen zouden later voortkomen uit de vroege diapsiden. Omdat de Petrolacosaurus op een moderne hagedis lijkt, was hij waarschijnlijk ook een snel dier dat op insecten jaagde.

Paleothyris

Paleothyris was een beweeglijk, op een hagedis lijkend beestje met grote ogen en scherpe tanden. Hij was 30 centimeter land en leefde 300 miljoen jaar geleden. Waarschijnlijk at hij insecten en kleine ongewervelde dieren. Paleothyris was een van de eerste reptielen en daarom bezitte hij ook enkele kenmerken van amfibieën. Dinosaurussen stamden uiteindelijk van dit type dieren af.

Reptieleneieren

Een van de belangrijkste kenmerken van een vroegere reptiel is dat ze eieren legden met een harde schaal. Daardoor kon het ei niet verdrogen en konden de eieren op het land worden gelegd. Door deze ontwikkeling konden de dieren op het land gaan leven en zich voortplanten zonder dat ze het water in moesten, zoals amfibieën.